Verschillen
Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.
Beide kanten vorige revisie Vorige revisie Volgende revisie | Vorige revisie | ||
leeghwater [2017/07/30 02:23] zaanlander |
leeghwater [2020/09/07 12:07] (huidige) |
||
---|---|---|---|
Regel 2: | Regel 2: | ||
De Rijp 1574 - Amsterdam 1650 | De Rijp 1574 - Amsterdam 1650 | ||
- | Jan Adriaensz Leeghwater, befaamd waterbouwkundige die van groot belang is geweest bij de [[polders|droogmaking]] van de grote meren in Noord-Holland, | + | [{{ : |
- | In 1607 begon zijn bemoeienis met de drooglegging van de Beemster. Dit werk zou hem enkele tientallen jaren bezighouden. Intussen ontwierp hij ook verschillende bouwwerken, waarvan de raadhuizen in De Rijp, Graft en Jisp nog steeds getuigen. In 1640 vestigde hij zijn timmerwerf bij de Haarlemmerpoort in Amsterdam. Bekendheid verwierf hij toen ook door de publikatie | + | Jan Adriaanszoon Leeghwater heeft een aantal zonen gehad. Eén van de mannelijke nakomelingen die zijn naam droeg heeft het tot doopsgezind predikant, ' |
+ | |||
+ | Jan Adriaansz, die pas na 1611 de naam Leeghwater is gaan gebruiken, toen hij de droogmaking van de Beemster bijna geklaard had, heeft zich van de schrijfwijze niet veel aangetrokken. Hij heeft brieven ondertekend zowel met Leegwater, als met Leeghwater en Leechwater. Tijdgenoten van hem schreven ook wel Laechwater. Het is vrij zeker dat zijn naam oorspronkelijk als scheldnaam was bedoeld: de Rijpers uit zijn geboortedorp, | ||
+ | |||
+ | In het door zijn koophandel, nering en haringrederij bloeiende dorp De Rijp bestond de Rijperkring, | ||
+ | |||
+ | In 1607 begon zijn bemoeienis met de drooglegging van de Beemster. Leeghwater was aanvankelijk timmerman en molenmaker, maar toonde al vroeg een grote vindingrijkheid. Hij was betrokken bij de uitvinding van de vijzelmolen, | ||
+ | |||
+ | Intussen ontwierp hij ook verschillende bouwwerken, waarvan de raadhuizen in De Rijp, Graft en Jisp nog steeds getuigen. In 1640 vestigde hij zijn timmerwerf bij de Haarlemmerpoort in Amsterdam. Bekendheid verwierf hij toen ook door de publicatie | ||
+ | |||
+ | Later, toen hij naar Amsterdam verhuisd was, waar hij in 1650 zou overlijden, maakte hij ook een ontwerp voor de toren van de Nieuwe Kerk, die echter nooit gebouwd is om de architectuur van het nabijgelegen Raadhuis, het paleis op de Dam, waar hij overigens metselaar van was geweest, niet te schaden. Muzikaal was hij ook, hij maakte carillons voor de Zuider- en de Westertoren, | ||
+ | |||
+ | In 1654, vier jaar na Leeghwater' | ||
+ | |||
+ | Postuum verscheen van hem in 1694 'Een cleyne chronycke van de dorpen Graft en De Rijp', waarin hij het wel en wee van zijn geboortegrond te boek heeft gesteld. | ||
+ | |||
+ | In 1968 werd de ooit door Leeghwater geconstrueerde molen De Zoeker van z'n plek getakeld om ruimte te maken voor woningbouw in het Zaandijker Rooswijk. Een unicum voor Zaandijk, want nergens ter wereld was ooit eerder een molen [[https:// | ||
Leeghwater had een [[doopsgezinden|doopsgezind]] Zaans nageslacht, waarover [[honig_gerrit_jan|Gerrit Jan Honig]] publiceerde in De Zaende, 1949. | Leeghwater had een [[doopsgezinden|doopsgezind]] Zaans nageslacht, waarover [[honig_gerrit_jan|Gerrit Jan Honig]] publiceerde in De Zaende, 1949. | ||
Download [[http:// | Download [[http:// |